Crowdfunding

Herfstvelden bij Nijmegen, zonder windturbines foto Sylvia van Manen

U deed mee en steunde ons!

CROWDFUNDING

Het rapport van de epidemioloog, Dick Bijl, is verschenen op de dag van het RES congres: ‘Gezondheidseffecten van Windturbinegeluid, analyse van RIVM rapporten’

De uitkomsten zijn zodanig, dat politiek en gemeentelijke overheden deze niet naast zich neer kunnen leggen: de huidige normen voor windturbines zijn op drijfzand gebaseerd.

Hieronder vindt u:

1. het Persbericht dat op 3 november is verstuurd,

2. de Samenvatting van het rapport,

3. deze link met het integrale rapport, gepeerreviewed door vier wetenschappers.

_________________________________________________________________________________

Persbericht

03-11-2021

Wetenschappelijke analyse wijst uit: de huidige normen voor windturbines op drijfzand gebaseerd.

Artsencollectief Windwiki roept de politiek op om windturbines niet nabij woongebieden te plaatsen omdat er te veel twijfel is over de gevolgen voor omwonenden. De overheid baseert zich op RIVM-rapporten, waarvan de conclusies wetenschappelijk onhoudbaar zijn. Dat blijkt uit een gedegen epidemiologische beoordeling, die vanaf woensdag 3 november op de site van Windwiki staat. zie hier

Het RIVM concludeerde in 2020, dat het geluid voortgebracht door windturbines slechts tot lichte klachten bij omwonenden leidde, zoals bijvoorbeeld slaapverstoring. Windwiki had daar twijfels over, slaapverstoring leidt namelijk tot een scala aan lichamelijke en psychische gevolgen. Bovendien vermelden omwonenden van windturbines vaker stress-gerelateerde gezondheidsklachten.

Het artsencollectief heeft de RIVM-rapporten daarom door een onafhankelijke onderzoeker laten beoordelen, hetgeen door middel van peer-reviews is getoetst. De epidemioloog Dick Bijl komt tot de conclusie dat op grond van de RIVM-rapporten niet gesteld kan worden dat plaatsing van windturbines op korte afstand van bewoners verantwoord is.

De bewuste onderzoeken zijn namelijk voornamelijk gebaseerd op kwalitatief laag onderzoek. Uit de analyse van deze onderzoeken blijkt dat het gaat om zeer beperkte steekproeven, waarbij de onderzochte groepen en de omstandigheden – zoals afstand tot omwonenden en hoogte van de turbines – niet representatief zijn. Ook blijken de beweringen van het RIVM dat omwonenden minder hinder ervaren wanneer ze betrokken worden bij de plaatsing van windturbines of financieel gecompenseerd worden, niet op deugdelijk wetenschappelijk onderzoek gebaseerd te zijn. Deze argumenten zijn het afgelopen jaar echter wel vaak gehoord in de politieke discussie.

Uit de rapportanalyse blijkt bovendien dat veel wetenschappelijk onderzoek gefinancierd werd door belanghebbenden vanuit de windindustrie, waarbij het RIVM verzuimt dit belangenconflict te vermelden in de rapporten. Een dergelijke belangenverstrengeling kan leiden tot vertekening van de onderzoeksresultaten.

De kwaliteit van deze onderzoeken is daarmee onvoldoende om er vergaande conclusies uit te kunnen trekken en het huidige beleid mee te verdedigen dat tot plaatsing leidt van windturbines op veel kortere afstand dan toegestaan is in alle andere Europese landen.

Het artsencollectief reageert op het onderzoeksrapport van Dick Bijl:

“We hadden altijd wel vermoedens. Maar nu blijkt dus inderdaad dat de informatie, die de politiek zo gretig gebruikt, wetenschappelijk inhoudelijk niet deugdelijk is.”

In 2009 publiceerde het RIVM het rapport ‘Evaluatie van windturbinegeluid’, met de richtwaarde van 40 dB aan de gevel: “Hoe komt het dat de politiek in 2011 de keuze heeft gemaakt voor 47 dB? Wat heeft zich in die twee jaar op de ministeries afgespeeld?”

Volgens het artsencollectief is het niet rechtvaardig om het RIVM zelf aan te vallen: “Er is nog veel onduidelijk over de effecten van windturbines op omwonenden, dat erkent en betreurt ook het RIVM. Maar we vinden wel dat eerst uit onafhankelijk onderzoek moet blijken wat de gezondheidsrisico’s zijn. De politiek moet zich dit nu aantrekken en een pas op de plaats maken wanneer het gaat om de plaatsing van

turbines vlakbij bebouwing, zodat er met deze nieuwe inzichten betere afstandsnormen gemaakt kunnen worden.”

De artsen zijn daarom helder over wat er nu moet gebeuren: “Er moet in ieder geval grondig en onafhankelijk wetenschappelijk onderzoek komen naar gezondheidsschade door windturbines op korte afstand van bebouwing. Zolang dat niet gebeurd is, moeten we terugvallen op de oude, strengere normen uit 2009. Ook de WHO dringt aan op strengere normen m.b.t. turbinegeluid. Het is goed om ons daarbij te realiseren dat in andere landen de turbines op veel grotere afstand mogen worden geplaatst dan in Nederland het geval is.”

Over de epidemioloog: Dick Bijl (1956) studeerde geneeskunde aan de Universiteit Utrecht. Na enkele jaren als arts-assistent inwendige geneeskunde te hebben gewerkt, deed hij zijn huisartsenopleiding in 1988. Daarna werkte hij in het Nederlands Astmacentrum Davos, Zwitserland. Na terugkeer in Nederland werkte hij als huisarts en deed hij mee aan wetenschappelijk onderzoek. In 1995 heeft hij een opleiding voor epidemioloog met speciale interesse in farmaco-epidemiologie en clinical trials afgerond. In 1995 werd Bijl redacteur van het Geneesmiddelenbulletin en in 2005 werd hij er hoofdredacteur. In 2016 werd hij gekozen tot president van de International Society of Drug Bulletins (ISDB). Thans werkt hij als zzp’er. Voor meer informatie https://hetpillenprobleem.nl

_________________________________________________________________________________

Samenvatting ‘Gezondheidseffecten van Windturbinegeluid’

Omdat in dit rapport de wetenschappelijke waarde en methodiek van de RIVM rapporten over gezondheidsaspecten van windturbines wordt beoordeeld, wordt eerst uitgebreid ingegaan op de voorwaarden waaraan wetenschappelijke bewijs moet voldoen en welke vormen van onderzoek binnen de wetenschap worden gebruikt. Er wordt beschreven hoe onderzoek en onderzoeksresultaten kunnen worden vertekend door fouten in de onderzoeksmethode, zoals bijvoorbeeld doordat het onderzoek wordt gefinancierd door een partij die belang heeft bij een bepaalde uitkomst.

Onderzoek dat de hoogste graad van wetenschappelijke bewijsvoering oplevert is dubbelblind gerandomiseerd onderzoek. Voor het onderzoek naar hinder van windturbines geldt de beperking dat dit niet ‘dubbelblind’ gedurende langere tijd kan plaatsvinden. Daardoor is men aangewezen op lagere categorieën van wetenschappelijk onderzoek, het observationele onderzoek en dwarsdoorsnede-onderzoek. Met daarnaast het laboratoriumonderzoek.

De factoren die de uitkomsten kunnen vertekenen worden benoemd: rechtstreekse geluidsmetingen óf berekende en gemodelleerde, gemiddelde waarden i.p.v. piekwaarden, aantal windturbines (WT’s), hoogte van de WT’s, afstand tot de woningen, invloed klimaat (temperatuur, windsterkte, vochtigheid), deelnemers die financieel profiteren van WT’s, hebben deelnemers een normaal gehoor?, keuze van de gebieden (vakantiehuisjes, permanente bewoning), het verbergen van het doel van vragenlijstonderzoek (soms wel, soms niet), en zelf-gerapporteerde gezondheid of uit het medische dossier afgeleide.

Het RIVM concludeert in 2017 dat onderzoek naar slaapverstoring geen doorslaggevende conclusies heeft opgeleverd. Wel wordt een verband gevonden tussen zelf-gerapporteerde slaapverstoring en hinder door windturbines. De in 2020 nieuw toegevoegde onderzoeken dragen niet bij aan inzicht vanwege de lage wetenschappelijke waarde.

Vier onderzoeksvragen worden beantwoord: 

1. Wat is de wetenschappelijke en met name methodologische onderbouwing van de conclusies van het RIVM-rapport gezondheidseffecten Windturbinegeluid?

– Veel onderzoek is gesponsord door nationale overheden en soms zelfs door direct belanghebbenden zoals windturbinefabrikanten. De aanbevelingen en conclusies van deze onderzoeken lijken vooral de sponsor gerust te willen stellen en, al dan niet gevraagd, adviezen te geven over de wijze van omgang met windturbinecritici en annoyance.

– De gebruikte literatuur die rapporteert over de gezondheidseffecten van windturbines wordt over het algemeen gekenmerkt door kwalitatief minder goed onderzoek waarin geen of onvoldoende rekening is gehouden met belangrijke bronnen van vertekening. De zwaktes van de onderzoeken worden door de auteurs niet-kritisch beschreven.

– De specifieke gezondheidseffecten van laagfrequent geluid en infrageluid zijn vooral onderzocht in het laboratorium. Deze onderzoeken kenmerken zich door kleine aantallen, gezonde jongvolwassen proefpersonen die kortdurend werden onderzocht waarbij hypothesen en nieuwe onderzoeksmethoden worden onderzocht. Het gaat dus om hypothese-genererend onderzoek dat niet als wetenschappelijk bewijs geldt en waaraan geen causale conclusies kunnen worden gekoppeld. Het RIVM doet dat echter toch.

2. Is de interne en externe validiteit van de onderzoeken in voldoende mate gegarandeerd om de conclusies te onderbouwen?

– Vaak wordt er door onderzoekers niet of onvoldoende duidelijk gemaakt of de onderzochte groep proefpersonen representatief is voor de algemene bevolking. Sommigen, zoals de onderzoekers van de Canadese Community Noise and Health Study, geven expliciet aan dat ze niet geïnteresseerd zijn in representativiteit.

– Wat betreft de interne validiteit van de onderzoeken zijn de statistische analyse methoden niet altijd nauwkeurig beschreven waardoor geen conclusie kan worden getrokken of deze goed is toegepast.

3. Is de zoekactie naar literatuur adequaat?

– Het gebruik van literatuur in het RIVM-rapport kenmerkt zich door een grote mate van inconsistentie. Het RIVM-rapport bespreekt behalve oorspronkelijke onderzoek ook reviews. Dit zijn veelal niet-systematische literatuuroverzichten waarvoor geen zoekacties worden gegeven en die dus niet controleerbaar zijn. Ze moeten worden gezien als persoonlijke visies van auteurs of instellingen. Er is sprake van oncontroleerbare selectie bias. Dat geldt ook voor de RIVM-rapporten die derhalve niet gekwalificeerd kunnen worden als wetenschappelijk bewijs.

4. Is de interpretatie van de onderzoeken adequaat?

– De conclusies die het RIVM trekt uit de door hun onderzochte literatuur moet op veel aspecten als inadequaat worden beschouwd. Het gebruik van niet-systematische literatuuroverzichten alsmede onderzoeken uit een zeer lage categorie van wetenschappelijk bewijs, de invloed van onderzoekers met conflicterende belangen en het tekortschieten van de interne en externe validiteit van de onderzoeken gelden als voornaamste redenen daarvoor.

Eindconclusie

De eindconclusie luidt, dat op basis van slecht wetenschappelijk onderzoek geen harde conclusies kunnen worden getrokken met betrekking tot de gezondheidseffecten van windturbinegeluid op mensen. De conclusie dat er geen aanwijzingen zijn voor gezondheidseffecten van windturbinegeluid moet daarom worden verworpen.

Er is dringend behoefte aan goed wetenschappelijk onderzoek uitgevoerd door onafhankelijke onderzoekers, die geen belang hebben bij de uitkomsten daarvan.

3 november 2021

______________________________________________________________________________

Update bericht dd 20 oktober 2021

Rapport beoordeling van de wetenschappelijke kwaliteit van de RIVM rapporten uit 2019 en 2020 over de hinder door windturbines.

De epidemioloog heeft het rapport klaar en aan ons overhandigd, waarna een onafhankelijke geblindeerde peer review kon worden toegepast. Hiertoe zijn 4  peer-reviewers uitgenodigd. Wij wachten momenteel hun opmerkingen af. Deze zullen worden besproken met de epidemioloog en kunnen leiden tot de laatste aanpassingen in het rapport. 

Nadat het rapport gepeerreviewed is zullen wij, zoals vooraf aangekondigd, het rapport, ongeacht de uitkomst publiceren op onze website. De epidemioloog is een onafhankelijke wetenschapper, de uitkomst van zijn evaluatie staat open.

Het eerder genoemde ‘eind juli’ hebben wij helaas niet gehaald.

Het rapport zal begin november voor iedereen te downloaden zijn.

Onze crowdfunding zal onverminderd nodig blijven om kritisch te kunnen kijken naar de gezondheidsaspecten van beleid en beleidswijzigingen naar aanleiding van de heftige discussie rondom windturbines, die nog steeds gaande is. Bijvoorbeeld rondom de gezondheidseffecten en de nieuwe normen die na de uitspraak van de Raad van State zullen moeten worden gesteld.

Ondertussen is Windwiki bezig om noodzakelijk wetenschappelijk onderzoek te inventariseren. Kleine onderzoeken zoals interviews bij gedupeerden zijn al opgestart. 

Wij vragen je ons te blijven steunen.

Wil je hieraan bijdragen? Kijk dan naar onze donatie QR code onderaan de pagina; of maak je donatie over op rek. nr. NL 66 RABO 036 607 7449 ten name van Stichting Windwiki.nl

Hieronder de oorspronkelijke toelichting op onze oproep.

“In 2019 en 2020 zijn er geruststellende RIVM rapporten verschenen over de hinder voor omwonenden van windturbines. Op basis van deze adviezen (minimaal 300 meter) besluiten gemeenten en GGD’s tot de plaatsing van turbines zeer dicht bij bewoning. 

Echter, recent is een brandbrief, afkomstig van een honderdtal artsen en paramedici verstuurd aan de gemeente Amsterdam en zijn er in Amsterdam expertmeetings geweest, waarin de conclusies niet zo geruststellend waren.  Ook op deze site is een overweldigend aantal artikelen te vinden waaruit blijkt dat de uitkomst van een contra-expertise wel eens een heel ander beeld kan geven.

De 300 meter norm lijkt te krap bemeten. Andere landen hanteren -veel- ruimere afstanden, met na ons België met 850 meter, en bv Denemarken met 1100 meter afstand tot bewoning. In 2009 adviseerde het RIVM een norm van 40 dB aan de gevel overdag (30 ‘s nachts) met daaraan gekoppeld 500-700 meter tot bebouwing en 20% meer voor iedere decibel meer. Dit advies betekende dat maar een zeer klein deel van Nederland windturbines zou kunnen herbergen. Dit advies is niet meegenomen, maar er is gekozen voor een gemiddelde waarde van 47 Lden, in feite geen gezondheidsnorm maar een norm om bebouwing mogelijk te maken.

Er zijn een aantal zeer fundamentele kanttekeningen bij de RIVM-rapporten geplaatst. Experts pleiten op basis van ruim 300 wetenschappelijke onderzoeken, nu al voor een minimale afstand van 10 x de masthoogte. De politiek gaat hierin nu nog onvoldoende mee.

Om aan de onduidelijkheid een einde te maken willen ‘wij van Windwiki’ de rapporten van het RIVM uit 2019 en 2020 door een gerenommeerd epidemioloog laten beoordelen op de compleetheid van de gebruikte literatuur en de juistheid van de conclusies.

Als blijkt dat de conclusies in dat rapport niet kloppen, zal er een voorzichtiger norm moeten worden gesteld. Mede gezien de meest recente review van het RIVM over omgevingsgeluid, waarin al bij lagere geluidsniveaus gezondheidsschade wordt gemeld, maar waarin uitspraken over windturbinegeluid opvallend afwezig zijn.

Een dergelijke beoordeling kost geld en tijd! Er wordt een ruime maand tijd voor begroot. De kosten bedragen ruim 10.000 euro, excl. BTW