Long-term wind turbine noise exposure and the risk of incident atrial fibrillation in the Danish Nurse cohort

auteurs: Bräuner, Elvira V.; Jørgensen, Jeanette T.; Duun-Henriksen, Anne Katrine; Backalarz, Claus; Laursen, Jens E.; Pedersen, Torben H.; Simonsen, Mette K.; Andersen, Zorana J.

jaar: 2019  

type onderzoek: retrospectief cohort onderzoek

tijdschrift & DOI nummer: Environment International   DOI: 10.1016/j.envint.2019.104915

Relevantie: Er zijn aanwijzingen dat het geluid van windturbines (WTN) effecten heeft op het functioneren van ons hart. Hiernaar is nog maar weinig onderzoek gedaan. Dit onderzoek beschrijft een mogelijke samenhang tussen het ontstaan van ritmestoornissen in het hart en langdurige blootstelling aan WTN.  De geluid-stress reactie kent twee mechanismen: Directe effecten van geluid op het gehoor en zenuwstelsel en een tweede indirect effect dat ontstaat bij hinder. In deze studie werd nachtelijke blootstelling aan meer dan 20 dB gekoppeld aan slaapstoornissen, zij het door directe óf indirecte oorzaken. Dit past bij eerder onderzoek waarin nachtelijke geluidsoverlast aantoonbaar leidde tot AF (Hadad, 2018) Ook blootstelling op andere tijden van de dag kan verantwoordelijk zijn voor het ontwikkelen van AF. In deze studie werden verpleegkundigen wonend binnen een straal van 6000 meter van een IWT betrokken. Slechts 3% was blootgesteld aan geluid sterker dan 29.9 dB. Volgens de WHO is het zeer onwaarschijnlijk dat geluid onder 30 dB leidt tot slaapstoornissen. En zijn slechts milde gezondheids- effecten te verwachten onder 40 dB. De Europese WHO richtlijn adviseert onder de 45 Lden te blijven.

Nederlandse samenvatting: Achtergrond: De potentiële gevolgen voor de gezondheid in relatie tot windturbine geluid (WTN) hebben meer aandacht gekregen in de afgelopen decennia. Er is nog weinig bewijs. Wij onderzochten het verband tussen langdurige blootstelling aan WTN en het vóórkomen van atriumfibrilleren (te snelle en onregelmatige hartslag). Methode: Het eerste zorg contact wegens Atriumfibrilleren (AF) onder 28.731 vrouwelijke verpleegkundigen in het Deens verpleegkundige cohort  werden opgezocht in het Deens nationaal patiënten register tot eind 2013. WTN niveau’s op hun woonadres tussen 1982 en 2013 werden ingeschat volgens het Nord2000 geluid verspreidings model, als de jaar gemiddelden van Lden, (Ldag, Lavond en Lnacht ) op de meest blootgestelde façade van het huis. Om de verbanden te bestuderen tussen de 11, 5 en 1-jaars gemiddelden van WTN niveau’s en het vóórkomen van AF werd een tijd variabele Cox proportional hazard regressie gebruikt. Resultaten: 1430 verpleegkundigen hadden AF op het eindpunt van de studie in 2013. Mediane (standaard deviatie) basale geluid niveau’s op de woning bij verpleegkundigen die aan WTN bloot stonden was 26,3 (6,7) dB. De geluidsniveaus waren iets hoger (27,3 (7.31) dB) bij de verpleegkundigen die AF ontwikkelden, en iets lager (26,6 (6,6) dB) bij de verpleegkundigen die geen AF ontwikkelden. Ze zagen een 30% verhoging van het risico (95% CI: 1.05-1.61 statistisch significant), op het ontwikkelen van atriumfibrilleren bij verpleegkundigen die lange tijd (11 jaar) bloot stonden aan WTN niveau’s van meer dan 20 dB in de nacht ten opzichte van verpleegkundigen die minder dan 20 dB in de nacht hoorden. Dezelfde effecten werden gevonden bij dag (HR 1.25; 95% CI; 1.01-1.54) en avond (HR 1,25; 95% CI: 1.01-1.54) geluid niveau’s. Conclusies: We vonden suggestief bewijs voor een verband tussen langdurige blootstelling aan WTN en het optreden van atriumfibrilleren bij vrouwelijke verpleegkundigen. De interpretatie van dit bewijs moet met enige voorzichtigheid gebeuren aangezien de blootstellings niveaus laag waren.

Originele abstract:

Background: The potential health effects related to wind turbine noise (WTN) have received increased focus during the past decades, but evidence is sparse. We examined the association between long-term exposure to wind turbine noise and incidence of atrial fibrillation (AF).
Methods: First ever hospital admission of AF amongst 28,731 female nurses in the Danish Nurse Cohort were identified in the Danish National Patient register until ultimo 2013. WTN levels at residential addresses between 1982 and 2013 were estimated using the Nord2000 noise propagation model, as the annual means of Lden, Lday, Levening and Lnight at the most exposed façade. Time-varying Cox proportional hazard regression models were used to examine the association between the 11-, 5- and 1-year rolling means of WTN levels and AF incidence. Results: 1430 nurses developed AF by end of follow-up in 2013. Mean (standard deviation) baseline residential noise levels amongst exposed nurses were 26.3 (6.7) dB and slightly higher in those who developed AF (27.3 (7.31) dB), than those who didn’t (26.2 (6.6)). We observed a 30% statistically significant increased risk (95% CI: 1.05–1.61) of AF amongst nurses exposed to long-term (11-year running mean) WTN levels ≥20 dB(A) at night compared to nurses exposed to levels < 20 dB(A). Similar effects were observed with day (HR 1.25; 95% CI: 1.01–1.54), and evening (HR 1.25; 95% CI: 1.01–1.54) noise levels. Conclusions: We found suggestive evidence of an association between long-term exposure to WTN and AF amongst female nurses. However, interpretation should be cautious as exposure levels were low.